De meeste storingen die ontstaan aan computers die wat ouder worden zijn of aan de ventilator, of aan de harddisk. Dit is niet zo vreemd,  omdat dit immers de meest bewegende onderdelen van de computer zijn. En daar waar iets beweegt, vindt ook slijtage plaats.

Door componenten slimmer te maken, ontwikkelen machines minder warmte en neemt ook de behoefte aan grotere ventilatoren af. Dat bespaart niet alleen energie, maar tevens veel geluid. Ook in de wereld van de harddisk is behoorlijk gewijzigd. Een van de grootste recente ontwikkelingen daarin is wel de komst van de SSD, oftewel de solid-state drive.

In tegenstelling tot de meer traditionele harddisks, kent de SSD geen bewegende onderdelen. Hierdoor treden er eigenlijk geen mechanische fouten meer op. Maar toch is dit niet het grootste voordeel van de SSD. Met toegangstijden van minder dan 0,1 milliseconde, is de SSD veel sneller dan de gewone harddisk. Bij een gewone harddisk moet de leeskop altijd nog naar de juiste plaats gebracht worden op de roterende schijf. Bij de SSD is dit verleden tijd geworden. Alle data is even snel gevonden, waar het ook opgeslagen is op de SSD.

In praktijk zien we toch nog niet zoveel SSD’s in gebruik. En als we ze zien, zien we ze vooral als opstartschijf. De reden hiervan is dat een SSD de computer sneller laat opstarten maar ook nog relatief duur is. Een 120 GB SSD kost momenteel al snel iets rond de 200 euro. Vergelijken we dit met een traditionele harddisk van 500 GB, dan kost die rond de 40 EUR.